De Aardappeleters (Vincent van Gogh)
De hele winter koppen en handen;
'Dit schilder ik uit het hoofd op het schilderij'.
Een blauw dat je breekt met een rood of gele draad
of grijs met vuilwit, doet de kleur leven.
Ik maakte de koppen opnieuw, zonder
genade;
nu is het de tint van een aardappel, goed stoffig,
ongeschild natuurlijk. Die luitjes bij hun lampje
en hun schotel, etende aarde,
voortgekomen
uit aarde (lijkt het wel) en bij de berookte muur
zijn 't winterweefsel van mijn boerenschilderij.

Brief 403, 404 en 405; laatste week van april
tot begin mei 1885, alle drie uit Nuenen.
Vincent van Gogh, Een leven in brieven. Keuze, inleiding en toelichting
Jan Hulsker. Amsterdam, 1988.
| home | tekenlog | schilderijen | ruimtelijk werk | grafiek | reprocitaat | kunst kolom | video/ audio | fotografie | tekeningen |
| contact |